14-12-2006 Franz Josef (Nieuw Zeeland)

Wijn, bier en sfeer proeven bij de Kiwi’s

Na een paar gezellige dagen bij de familie Sukenobe in Kamagaya nemen we hartelijk afscheid van elkaar en fietsen we naar het vliegveld. Daar verpakken we onze fietsen in bubbeltjesfolie en checken ons in. In tegenstelling tot wat op de website van Air New Zealand wordt vermeld, moet de lucht alsnog uit de fietsbanden. Daarna wordt alle bagage nauwkeurig gemeten en gewogen, we betalen de overbagage en zijn klaar voor vertrek. Met veel mooie herinneringen aan Japan stappen we even later in het vliegtuig dat ons van de Japanse herfst naar de Nieuw Zeelandse lente brengt. De winter slaan we dit jaar over. Na 8.800 kilometer vliegen, landen we tien uur later in Auckland.
Nieuw Zeeland is qua oppervlakte iets groter dan Groot Brittannië, bestaat uit het Noorder- en het Zuidereiland, heeft 4 miljoen inwoners en er lopen 40 miljoen(!) schapen rond.
                    020-schapen
De oorspronkelijke bewoners van Nieuw Zeeland zijn de Maori’s, die vanuit Zuid-Oost Azie op zoek gingen naar een nieuw land. Ze zagen het land dat onder een grote wolkendeken lag en noemden het Aotearoa (het land van de lange witte wolk). In 1642 ontdekte Abel Tasman op een van zijn V.O.C.-reizen met het schip ‘de Heemskerck’ Aotearoa en noemde het Nieuw Zeeland (ter ere van de provincie Zeeland in Nederland). Abel Tasman heeft echter nooit voet aan wal gezet omdat de Nederlanders door de Maori’s verjaagd werden. Het zou nog 127 jaar duren voordat de Engelsman James Cook hier aankwam en uiteindelijk werd het in 1840 een Britse kolonie. Dat is het tot op de dag van vandaag en het staatshoofd van Nieuw Zeeland is Her Majesty Queen Elizabeth II. 

020-rob-loopt-langs-fietsOp het vliegveld in Auckland nemen ze hun taken serieus, je moet aangeven of je voedingsmiddelen bij je hebt en dat wordt gecontroleerd. Er wordt gekeken of de fietsbanden schoon zijn en onze tent en haringen worden meegenomen naar een aparte ruimte voor controle op zandresten. Omdat wij wisten dat dit ging gebeuren ziet alles er natuurlijk brandschoon uit en is er geen zandkorreltje te ontdekken, dus mogen we verder. In de aankomsthal hangen we de tassen aan de fietsen en wil Rob de banden oppompen. We hebben nog maar een fietspomp omdat we de andere ergens in Japan hebben laten liggen. En laat nu deze fietspomp niet goed werken, er komt wel iets lucht in de banden maar niet genoeg spanning voor de volbepakte fietsen. Bij navraag blijkt dat er op het vliegveld geen fietspomp is, ze verwijzen ons naar het een kilometer verderop gelegen benzinestation en we denken dat het met onze adapter wel gaat lukken, niets is minder waar. Daarom moeten we op zoek naar een winkel waar ze fietspompen verkopen. Na weer een korte wandeling komen we bij een warenhuis, hier kopen we twee fietshelmen die we verplicht zijn te dragen maar we vinden niet de juiste fietspomp. Er zit niets anders op dan met de fiets aan de hand naar de camping te lopen die het dichtst bij het vliegveld ligt. Achteraf wordt het een wandeling van 15(!) kilometer. Het waait zo hard dat we soms bijna omver worden geblazen en op de camping aangekomen besluiten we om de tent niet op te zetten maar voor een paar dagen een cabin te huren. Doodmoe vallen we op bed in slaap. Al met al geen flitsende start in Nieuw Zeeland.    

020-zicht-op-aucklandDe volgende dag gaan we met de bus naar Auckland en kopen routeboekjes, landkaarten en ……. twee nieuwe fietspom020-lucie-in-belgisch-cafepen met de veelbelovende naam “Master Blaster”. 

Een paar dagen later fietsen we met hard opgepompte banden naar Auckland en nemen onze intrek in het Kiwi Hotel. Wat ons in Auckland opvalt, is dat er veel Aziaten rondlopen, we zien onder andere Pakistaanse, Indiase, Thaise, Chinese en Japanse restaurants. Omdat wij eindelijk wel eens wat anders willen eten gaan wij naar het Belgische café “The Occidental” waar we mosselen met frites bestellen.  Heerlijk!         

020-rob-met-truus-vinkenvleugelIn Auckland willen we ook een bezoekje brengen aan mevrouw Truus Vinkenvleugel-Heuthorst. Zij is een vriendin van Rob’s moeder die in 1951 naar Nieuw Zeeland is geëmigreerd en sinds die tijd corresponderen ze met elkaar. Omdat Rob’s moeder sinds een aantal jaren niet meer zelf kan schrijven stuurt Lucie af en toe een kaart of een brief om het contact te onderhouden. Wanneer we in het telefoonboek van Auckland kijken, zien we meerdere ‘Vinkenvleugels’ staan en Lucie herkent het adres. We bellen mevrouw Vinkenvleugel, leggen uit wie we zijn en ze vindt het ontzettend leuk dat we op bezoek willen komen. Ze woont in de wijk Henderson, dat ligt zo’n 15 kilometer van ons hotel. We stappen op de fiets, kopen onderweg een bloemetje en worden even later hartelijk welkom geheten door een bijdehante tante van 85 jaar. Ze geeft ons eerst een rondleiding door het seniorencomplex (inclusief binnenzwembad) waar ze woont en daarna gaan we naar haar appartement. Ze is een gezellige prater en vertelt over haar leven in Nieuw Zeeland, haar kinderen en kleinkinderen en over de tijd dat ze samen met Rob’s moeder in Arnhem in betrekking was. Ze spreekt goed Nederlands en af toe gooit ze er een paar Engelse woorden tussendoor, you know. ‘s Avonds belt Rob moeder om haar de hartelijke groeten van Truus Vinkenvleugel te doen. Zij kan het bijna niet geloven dat we haar oude vriendin, die zo ver weg woont, ontmoet hebben.    

020-notice-your-mother-doesn-tOp donderdag 16 november beginnen we aan onze fietsreis door Nieuw Zeeland. In vier dagen fietse020-cactus-jacksn we van Auckland naar het toeristische stadje Rotorua. Echte lange klimmen zitten er niet in maar het gaat wel constant op en neer over groene heuvels met schapenweiden. Geregeld komen we door een klein gehucht met houten huisjes, een kerk, een school en een kruidenierswinkel. Er is veel verkeer en we komen nog niet echt onder de indruk van het door velen geroemde fietserparadijs hier. Na zo lang in Azië te zijn geweest, vinden we het zelfs een beetje saai en we missen de cultuurverschillen. Het is hier wel eenvoudig reizen, we kunnen weer gemakkelijk boodschappen doen en overal zijn voldoende backpackerhostels en campings met goede faciliteiten.

020-geyser-spuitend020-champagne-lakeIn Rotorua logeren we bij Cactus Jack’s, dat is een hostel met een Western thema. De voorgevel zier er prachtig uit en ook binnen is alles in stijl beschilderd. Net als in de meeste hostels is er een grote gemeenschappelijke keuken waar je je eigen potje kunt koken. Deze keukens zijn compleet ingericht met kooktoestellen, potten en pannen, servies, bestek etc. En meestal hangen er briefjes waarin je wordt verzocht om de keuken na de maaltijd netjes achter te laten. Zo ook bij Cactus Jack’s maar hier hebben ze wel gevoel voor humor.         

In Rotorua is veel thermale activiteit, zoals spuitende geisers, bubbelende meren, dampende warmwaterbronnen en borrelende modderpoelen. We wandelen door het Kuirau-park en het Waiota-park en de lucht van rotte eieren komt ons uit de borrelende meertjes van alle kanten tegemoet. Het is leuk om te zien maar de lucht is soms niet te harden.

020-maori-dans-en-zangRotorua is ook een goede plaats om de oude Maori-cultuur op te snuiven. We boeken een toertje voor een bezoek aan een Maori-dorp inclusief hangi. Met een busje worden we ‘s middags bij ons hostel opgehaald en krijgen eerst een presentatie en een film te zien over de historie van de020-maori-welkom Maori’s. Daarna gaan we met vier grote bussen naar het zo’n 15 kilometer verderop gelegen Maori-dorp, dat nu alleen nog commercieel wordt geëxploiteerd. Desondanks is het een leuke middag en avond met Maori-mannen in rieten rokjes en Maori-vrouwen in traditionele jurken die voor hun houten hutjes oude ambachten demonstreren. Daarna volgt er een zang- en dansvoorstelling en tot slot de hangi. Dat is de traditionele kookmethode van de Maori’s Er wordt een gat in de grond gegraven, hier gaan voorverwarmde lavastenen in en daarna de rieten manden met vlees en groenten, doek erop en zand erover. Vier uur wachten en de maaltijd is klaar. Natuurlijk hebben ze de maaltijd voor ons  al voorbereid en staat alles in buffetvorm klaar voor de vele toeristen. Waarschijnlijk zal er weinig traditioneel gekookt zijn maar het is allemaal wel erg lekker.           

020-maori-gezicht-in-hout“Ki mai koe ki a au he aha
te mea nui tenei ao:
he tangata, he tangata, he tangata”

“Als je mij zou vragen wat het allermooiste
in de wereld is, zou het antwoord zijn:
het zijn de mensen, het zijn de mensen, het zijn de mensen”

Dit is een spreuk van de Maori waar we het helemaal mee eens zijn. We hebben dat namelijk tijdens deze reis al zo vaak tegen elkaar gezegd. We hebben wereldberoemde bouwwerken gezien, prachtige culturen ervaren, door schitterende natuurgebieden gefietst en veel mensen ontmoet. En al die ontmoetingen hebben toch wel de meeste indruk op ons gemaakt. Of het nu de ontmoetingen met de lokale mensen zijn of met de vele andere (fiets)reizigers die we tegenkomen, iedereen heeft zijn eigen nationaliteit, cultuur, levenservaring en verhalen. En dat geeft onze reis zeker een extra dimensie. 

020-lucie-op-fiets-napierWe fietsen verder vanuit Rotorua en na zo’n 30 kilometer parkeren we onze fietsen bij een wegrestaurantje voor de koffie met een muffin. We zien een fietser voorbij komen die, nadat hij onze bepakte fietsen heeft gezien, in de remmen knijpt en bij ons aan tafel komt zitten. Het is de Belg Bert van Lommel die met zijn nieuwe fiets en nieuwe uitrusting een maand in Nieuw Zeeland gaat fietsen. We kletsen gezellig en Bert vraagt of hij met ons mee kan fietsen. Achteraf horen we dat zijn buurman hem heeft gewaarschuwd voor fietsende Hollanders die a la Joop Zoetemelk ach020-rob-op-fiets-noordereilandter het wiel uit de wind gaan zitten maar die buurman heeft waarschijnlijk nooit met Bert tegen de wind in gefietst. Als een rasechte Zoetemelk houdt hij achter onze brede ruggen overzicht over het peloton. De volgende dagen fietsen we samen verder. Het is erg gezellig met z’n drieën en we gaan al zo familiair met elkaar om dat ze in het hostel in Napier aan Bert vragen of wij zijn ouders zijn. En wij maar denken dat we er nog zo jeugdig uitzien…….         

020-rob-op-fiets-railwayDe stad Napier is in 1931 door een aardbeving totaal verwoest. In de jaren daarna is het in Art Deco stijl opgebouwd. De gebouwen zien er fleurig uit en het is leuk om er door de straten te slenteren. Hier nemen we ook afscheid van Bert hij wil een stuk met de bus verder en pa en ma stappen weer op de fiets. Via Hastings, Woodville en Palmerston North gaan we richting Wellington. Het waait enorm en we hebben soms moeite om op de weg te blijven. We wisten dat het in Nieuw Zeeland hard kan waaien maar zo erg hebben we het nog niet vaak meegemaakt. En hoe kan het toch dat je die wind dan ook altijd tegen hebt? 

Wellington (Windy city) is de hoofdstad van Nieuw Zeeland, er wonen maar 164.000 mensen en wij vinden het een gezellige stad. Het Te Papa museum is in 1998 geopend en heeft al ruim 9 miljoen bezoekers kennis laten maken met de historie en cultuur van Nieuw Zeeland. Op een leuke en vaak interactieve manier worden we onder andere op de hoogte gebracht van de flora en fauna, de Maori-cultuur en de immigratie van de vele Europeanen in de jaren vijftig en daarna. We weten nu dat er zich hier nog steeds zo’n 500 Nederlanders per jaar vestigen. Een van de topattracties in Wellington is een r020-zicht-op-wellingtonitje met de cable car naar de botanische tuin. Boven op de heuvel hebben we een mooi uitzicht over de stad en het water. 

In Wellington worden ook rondleidingen door de Parlementsgebouwen gegeven. We sluiten ons aan bij een groep en wandelen onder leiding van een gids  door de vele prachtig gedecoreerde vertrekken. In een grote hal aangekomen vraagt de gids of er Nederlanders bij zijn. Wij tweeën steken de hand op en hij vraagt of we even naar voren willen komen. Als we daar staan zegt hij dat we te laat zijn. We begrijpen niet wat hij bedoelt en hij zegt dat we hier drie weken geleden hadden moeten zijn. Toen stonden op precies dezelfde plek Prins Willem van Oranje en Prinses Maxima te kijken naar de koperen replica van ‘de Heemskerck’, die in 1962 door Prinses Beatrix aan Nieuw Zeeland is aangeboden (dus toch ook hier weer even een Alexander en Maxima gevoel).

020-rob-op-fiets-zuidereilandVrijdag 1 december (het officiële begin van de Nieuw Zeelandse zomer) fietsen we de ferry op die ons in drie uur van Wellington op het Noordereiland via de Cook Strait naar Picton op het Zuidereiland brengt. Het Zuidereiland is dunner bevolkt en het is er minder druk op de wegen. Het verkeer bestaat hier bijna voor de helft uit campers met toeristen die het eiland rondrijd020-lucie-op-fiets-pinquinsen. We fietsen langs de Marlborough Sounds en bewonderen er de grillige kustlijn met de mooie fjorden. In Havelock, de hoofdstad van de mosselen, overnachten we in een jeugdherberg die is gehuisvest in een historisch schoolgebouw uit 1881. Uiteraard eten we ‘s avonds mosselen bij het plaatselijke restaurant ‘The Musselboys’.           

De volgende dag gaan we verder naar de, volgens eigen zeggen, zonnigste stad van het land: Nelson. En dat klopt ook nog, we hebben er een paar dagen mooi zonnig weer hoewel de thermometer steeds onder de twintig graden blijft steken. We maken er een excursie naar het Abel Tasman National Park. Eerst een ritje met de bus en daarna stappen we met 18 andere passagiers in een speedboot. Deze ligt niet in het water maar op een trailer ach020-fietsen-voor-beschild-muurter een tractor. We moeten de zwemvesten aan en rijden dan zo’n anderhalve kilometer over de weg. Het is een komisch gezicht. Gelukkig wordt de boot te water gelaten en scheren we even later a la Miami Vice over het water. We worden op een verlaten strandje afgezet en wandelen een paar uur over een uitgezette route over smalle paadjes door het regenwoud en langs de kust. Heuvel op, heuvel af en we zien geregeld mooie stranden, baaien en rotsformaties. Aan het eind van de middag worden we zo’n tien kilometer verder opgepikt met de speedboot en uiteindelijk gaan we met de bus weer terug naar Nelson.   

De volgende dag hebben we een totaal ander programma. Uitslapen, internetten en ‘s middags een wijntoer langs verschillende wijngaarden. Omdat er natuurlijk veel geproefd moet worden, laten we de fietsen maar op stal en gaan we met tien andere toeristen in een busje op weg. Het eerste wijnhuis laat ons al zo’n zes soorten wijn en een likeur proeven. Gelukkig krijgen we er iets te eten bij zodat we rustig met beide benen op de grond kunnen blijven staan. Het tweede wijnhuis is van Brightwater en deze heeft volgens ons de lekkerste wijnen die we vandaag zullen proeven. De eigenaar vertelt enthousiast over de historie van het wijnhuis, de problemen waarmee hij te maken heeft bij de groei en de oogst van de druiven, de productie van de wijn en het succes met zijn behaalde prijzen. Erg leerzaam en interessant. Ondertussen proeven we de verschillende witte en rode wijnen. Zo bezoeken we ook nog een derde en een vierde wijnhuis en het wordt steeds gezelliger. We moeten helmaal lachen als de gids vraagt wie er “Gaanderen” uit kan spreken, iets dat hem zelf niet lukte toen hij ons vroeg waar we vandaan kwamen. Er is een stel uit Noorwegen dat het goed uitspreekt in tegenstelling tot de anderen die de “G” er niet uitkrijgen en er hele rare klanken uitgooien. Aan het eind van de middag worden we, weer een stuk wijzer, voor de deur van ons hostel afgezet.  

020-pancake-rocksVanuit Nelson fietsen we eerst langs wijngaarden en fruitbomen en vervolgens langs weilanden en door bossen naar de westkust. We ontmoeten geregeld andere (fiets)reizigers in de accommodaties waar we overnachten en hebben vaak gezellige gesprekken met elkaar. Vanaf Westport naar het zuiden fietsen we o020-lucie-picknick-plaatsver een kustweg met uitzichten op de ruige zee en de rotsformaties. Het hoogtepunt hier zijn de Pancake Rocks, deze hebben hun naam te danken aan het feit dat ze op hoge stapels pannenkoeken lijken.         

Greymouth is met 13.500 inwoners de grootste stad aan de westkust. We hebben geluk want Santa Claus komt ook in Nieuw Zeeland en toevallig als wij er zijn wordt hij hier met een grote optocht binnengehaald. De optocht bestaat voor de helft uit wagens van de plaatselijke bedrijven die hun waren zoals grasmaaiers, auto’s en verzekeringen aanprijzen. Dan zijn er nog wat schoolklasjes die verkleed op een vrachtwagen zitten, twee oude brandweerauto’s een motor en ja hoor…. achteraan in de optocht een zwaaiende kerstman met bel in de arrenslee. Het is hier niet anders dan de optochten in Nederland.  

020-monteiths-brewery-robGreymouth’s trots is de lokale bierbrouwerij Monteith’s, die wereldwijd exporteert (en voor 50% eigendom van Heineken is). Op zondagmiddag gaan we er naartoe voor een rondleiding. Samen met een Fransman, twee Engelsen en twee Nieuw Zeelan020-monteiths-brewery-urinoirsders worden we door de brouwerij geleid en krijgen we uitleg van de enthousiaste Ann. Na een uurtje weten we alles van het productieproces en dan begint in het bijbehorende café het leukste onderdeel van de middag……….het proeven! We proberen zeven verschillende soorten tapbieren. Lucie vindt, hoe kan het ook anders, de Radler (half bier, half limonade, 5% alcohol) het lekkerst en Rob houdt het bij de Pilsner. Na het proeven verlaat Ann het café en mogen we zelf even onbeperkt biertappen. Na 30 minuten komt ze vertellen dat we de laatste kunnen tappen. Als ze 15 minuten later terugkomt hebben we de glazen nog steeds (of eigenlijk alweer) vol. We vertellen haar dat we langzame drinkers en grote praters zijn. Ann vindt het wel gezellig en komt nog even bij ons zitten kletsen. Voor we weggaan, gaat Rob uiteraard nog even naar het toilet en ontdekt dat hier wel hele bijzondere urinoirs hangen.

020-franz-josef-glacierIn twee dagen fietsen we van Greymouth langs de ‘Southern Alps’ naar Franz Josef waar we de gletsjer willen bekijken. Wanneer wij bij het hostel Chateau Franz aankomen begint het flink te regenen en het houdt niet meer op. Gelukkig hebben we TV en video op de kamer en bij de receptie kun je gratis videobanden lenen. De volgende morgen is het nog steeds slecht weer, dus hebben we weer eens tijd om dit verslag te schrijven. Vanmorgen ziet het weer er goed uit en wandelen we naar de gletsjer. 

Voor de ‘kerstvakantie’ hebben we van 23 december tot 2 januari een accommodatie gereserveerd in Queenstown, de adrenaline-activiteiten hoofdstad van Nieuw Zeeland. Hier is de bungyjump uitgevonden en het is de plek voor skydiving, hanggliding, rafting, sledging, jetboating etc. We zullen wel zien wat het gaat worden…..